Wat is het?
De term 'cannabis' verwijst zowel naar de cannabisplant (cannabis sativa of hennepplant) als naar de voornaamste producten van deze plant, namelijk marihuana en hasj.
De actieve stof: THC
De belangrijkste roesopwekkende stof in marihuana en hasj heet THC of tetrahydrocannabinol. THC komt voornamelijk voor in de vrouwelijke cannabisplant.
Mannelijke en tweeslachtige planten bevatten heel weinig THC. In tegenstelling tot vrouwelijke planten worden ze niet als drug gebruikt en zijn ze niet verboden. Ze worden geteeld voor industrieel gebruik, onder meer voor de productie van olie en vezels.
Marihuana
Marihuana (weed/wiet) bestaat uit de gedroogde en gemalen toppen van de vrouwelijke hennepplant. Het ziet eruit als fijne tot grove thee en heeft een sterke, typische geur. De kleur varieert van grijsgroen tot groenbruin.
Hasj
Hasj (shit, hasjiesj) is afkomstig van de harsachtige laag op de toppen van de vrouwelijke hennepplant. Deze kleverige stof wordt op verschillende manieren van de plant losgemaakt en tot een licht- of groenbruine tot zwarte substantie gekneed of geperst. Hasj lijkt nog het meest op een bouillonblokje.
Cannabis gebruiken
-
Roken
Marihuana en hasj worden meestal gerookt: in een gerolde sigaret met een kartonnen filter (joint), in een pijpje (chillum), in een waterpijp of met een verdamper (vaporiser). Cannabis roken wordt vaak blowen of smoren genoemd.
-
Eten en drinken
Marihuana wordt ook wel in voeding verwerkt, zoals in cake (spacecake) of thee. De effecten komen daarbij trager op gang dan bij blowen: soms pas na negentig minuten. Ze houden ook langer aan. Daardoor is het moeilijk om de roes te doseren. De kans is dus veel groter dat men te veel THC binnenkrijgt en dat het fout loopt.
Stukjes hasj gewoon opeten komt ook voor en dat veroorzaakt eveneens vaak ongewenst sterke effecten.



